In november 2025 stapte ik, gewapend met jas, sjaal, flinke dosis nieuwsgierigheid en de Time to Momo Reisgids van Dublin, op het vliegtuig naar de Ierse hoofdstad. Met een vriendje dat hier oorspronkelijk vandaan komt, was een citytrip Dublin bijna onvermijdelijk. En geloof me: dat was absoluut geen straf. Ik ben dol op citytrips, en Ierland… tja, daar word ik gewoon blij van.
Maar dit was geen standaard tripje. Het was een combinatie van sightseeing, persoonlijke ontdekkingen en een bijzondere blik op een stad die zowel historisch als levendig is. Verwacht hier geen standaard top-tien lijstje van “wat te doen in Dublin”: die kun je overal lezen. Dit blog laat Dublin zien door mijn ogen, gecombineerd met hoe een (voormalig) local de stad beleeft.
Dublin: groter dan gedacht, maar knus van binnen
Voor deze citytrip leefde ik in de veronderstelling dat Dublin een grote provinciestad was. Niets bleek minder waar: met ruim een miljoen inwoners is het een levendige stad, vol karakter, een rauw randje en verrassend veel knusse hoekjes in het oude centrum. Twee middagen waren eigenlijk te kort, maar gelukkig wel voldoende om een goede indruk te krijgen van de Ierse hoofdstad.
Temple Bar: het toeristisch hart van Dublin


Wandelend langs de rivier de Liffey voelde de stad meteen vertrouwd. Cultuur en geschiedenis zijn overal zichtbaar, met de historische Ha’penny Bridge die noord en zuid verbindt. Aan de zuidoever van de Liffey ligt Temple Bar. Ik was over deze buurt eerst wat sceptisch: het is immers het toeristische epicentrum van Dublin. Maar Temple Bar verraste me op zeer positieve wijze: muziek, kleurrijke pubs en straatartiesten die de knusse straten vullen met die typisch Ierse sfeer.
Tip: Wij hebben heerlijk gegeten bij The Old Storehouse (o.a. overheerlijke Fish & Chips in bierbeslag, terwijl je geniet van live muziek)
De legende van Molly Malone
Aan de rand van Temple Bar staat het standbeeld van Molly Malone. De legende gaat dat zij een jonge, knappe visverkoopster was, die overdag kokkels en mossels verkocht vanuit haar kruiwagen, terwijl ze ’s avonds de heren van vertier voorzag. Het officieuze volkslied van Dublin gaat trouwens over deze visverkoopster uit de 17e eeuw en is door menig artiest vertolkt, waaronder door The Dublinners en Sinead O’Connor.


Trinity College en andere verrassende plekjes
“Kom, dit ga je mooi vinden” zei het vriendje, terwijl ik eigenlijk snakte naar een warm café. Maar zijn belofte was eigenlijk een understatement. Want terwijl ik door een eeuwenoude poort liep, viel mijn mond open van verbazing en werden mijn ogen zo groot als schoteltjes. Ik stond plots op de indrukwekkende campus van Trinity College. Eenmaal door de poort vergeet je dat je eigenlijk midden in het centrum bent van Dublin staat. De indrukwekkende gebouwen rondom een groot grasveld, de gemoedelijke sfeer; ik kreeg bijna zin om weer de schoolbanken in te duiken.

St.Saviour Church was een andere verrassing, zelfs voor het vriendje. We ontdekten de kerk in Dominic Street dan ook eigenlijk per ongeluk toen we op zoek waren naar een plekje om een warme kop koffie te drinken. De serene rust overviel ons en maakte ons stil. Dat we deze prachtige kerk op de sterfdag van mijn vader bezochten, was eigenlijk ook geen toeval te noemen. En hoewel een kaarsje niet nodig is om aan hem en andere overleden geliefden te denken, staken we er in serene stilte toch eentje aan.



Henrietta Street: een charmant stukje Dublin met geschiedenis
Een van de leukste ontdekkingen was Henrietta Street, een smalle straat die geplaveid is met kinderkopjes, met hoge huizen met kleurrijke voordeuren aan weerszijden van de straat. Ooit woonde hier, op nummer 14, de adel van Ierland, maar in de vroege 19e eeuw vertrokken zij en raakte het huis en de rest van de straat in verval. De woningen werden opgedeeld in een soort kleine huurkazernes waar arbeiders met hun gezinnen vaak in een enkele kamer werden gehuisvest. Van de slechte woonomstandigheden is aan de buitenkant tegenwoordig niets meer te zien in deze charmante straat, maar er zit wel een museum waar je meer over de geschiedenis van Henrietta Street 14 leert.

De iconen van de stad: St.Patricks Cathedral & Guinness Brewery
Zeg je Dublin, dan zeg je eigenlijk St.Patricks Cathedral en de Guiness Brouwerij. Tja… beiden hebben we niet bezocht. St.Patricks Cathedral hebben we alleen van buiten bewonderd. We wilden niet teleurgesteld worden na ons bezoek aan Dominic Church. En Guinness is er gewoonweg niet van gekomen.

Hetzelfde geldt voor Christ Church Cathedral, met ruim 1500 jaar oud de oudste kathedraal van de stad. We wilden allebei heel graag dit gotische gebouw van binnen bezichtigen, maar deze kerk aan de rand van het centrum was op dat moment gesloten voor bezoekers en later terugkomen zat er helaas niet in. Wat we dan weer wel uitvoerig hebben bekeken is Custom House, het voormalige douanegebouw in neoclassistische stijl dat gelegen is aan de Liffey.
Buiten de gebaande stadspaden
De echte verrassingen lagen net wat buiten de gebaande paden: the National Botanical Gardens en het aangrenzende Glasnevin Cemetery. De grote, glazen kassen van de botanische tuinen herbergen onder andere tal van orchideeën en cactussen, en er is zelfs een kas waar je je in de jungle waant. Dat het er aangenaam warm is om al die planten te kunnen laten groeien en bloeien, maakt het ook in de wintermaanden een mooi uitstapje in Dublin.


Glasnevin Cemetry, de grootste begraafplaats van Dublin, ligt pal naast de Botanische Tuinen. Je wandelt er langs indrukwekkende Keltische en Victoriaanse kruisen en tomben. Het is een plek om even letterlijk en figuurlijk even stil te staan, en waar je zomaar op het graf kunt stuiten van helden uit de Ierse geschiedenis, zoals Daniel O’Connell en Michael Collins.



Ken je dat verhaal van de dubbeldekker en die Nederlandse toerist?
Géén bezienswaardigheid, maar wel een moment dat ik niet snel zal vergeten: het “akkefietje” in de dubbeldekker. Lekker makkelijk liet het vriendje de logistiek en het geregel aan mij over. Waaronder ook het betalen van de buskaartjes in de bus. Terwijl hij achterin plaatsnam, vroeg ik de chauffeur om twee tickets. In het kader van duidelijke communicatie stak ik twee vingers in de lucht om er geen misverstand over te laten bestaan dat ik niet één, maar twee kaartjes nodig had. De chauffeur keek me aan met een mix van verbazing en geamuseerdheid, maar stelde al snel vast dat ik een toerist was. Ik snapte er helemaal niets van, temeer omdat ie in een zwaar Dublins accent tegen me sprak én omdat er een stuk plastic tussen ons in hing. Blijkbaar was het hilarisch.

Dat er zich een kleine komedie afspeelde voorin de bus, was ook het vriendje niet ontgaan. Dus toen ik, met twee buskaartjes, eindelijk naast hem plaatsnam en in alle onschuld, onwetendheid en verbazing vertelde wat er gebeurd was, barstte hij in lachen uit. Wil je in Ierland je vingers opsteken om het geval twee aan de te duiden, moet je blijkbaar de handpalm van je af houden, anders krijgt het een heel andere betekenis… laten we zeggen: FY 😅. Schijnt iets te maken te hebben met het afhakken van de wijs- en middelvinger van de Fransen, zodat ze niet meer met pijl en boog op de Ieren konden schieten. Rare lui…
Skerries: herinneringen aan vroeger, belofte voor later
Ook de omgeving van Dublin moest eraan geloven. De keuze viel op Skerries, een kustplaatsje met een oude haven. Voor het vriendje was het een trip down memory lane: hier ging hij vroeger op vakantie, speelde in het oude dorp en liep bij eb over zand naar kleine eilandjes voor de kust.

Nu hielden we het bij een fotomomentje en een maaltijd aan de kade. Het was gewoonweg te koud om lang buiten te zijn. Toch voelde die middag als een mini-vakantie binnen de vakantie. De plannen voor een volgende keer borrelden meteen op: slenteren door het oude dorp, pootje baden op het strand en een ijsje eten in de befaamde “Storm in a Teacup” aan de haven.
Citytrip Dublin: rauw, levendig en uitnodigend
Mijn indruk van Dublin? Het is een verrassende stad die méér inhoudt dan Temple Bar en het wereldberoemde Guinness bier. Het is een stad vol karakter en historie: rauw, levendig en uitnodigend. Het is precies wat je van Ierland en haar inwoners kunt verwachten: warm, gastvrij en met een flinke dosis humor.


Een citytrip naar Dublin is zeker de moeite waard, maar het nodigt ook uit tot een langere rondreis door Ierland. Op mijn verlanglijstje staan in ieder geval de Wicklow Mountains, Donegal, Galway, en natuurlijk het ontdekken van de minder bekende wijken en havengebieden van Dublin zelf.
Praktische tips voor wie Dublin wil ontdekken
- Neem warme kleding mee, ook in de lente- en zomermaanden. De temperatuur kan aangenaam zijn, maar ook ijzig koud. Bezoek je Dublin in de winter? Een warme muts, sjaal en eventueel handschoenen zijn aan te raden!
- Durf af te wijken van de gebaande paden: Henrietta Street, Dominique Church en de Botanische Tuinen zijn mooie plekjes buiten de toeristische gebieden.
- Reizen per (dubbeldek)bus is eenvoudig, maar… verdiep je vooraf even in de handgebaren 😉.
- Voel de stad, proef een “pint” Guinness, en laat je meevoeren door de sfeer van de straten en pleinen.
Kortom: Dublin is een stad die je verrast, verwarmt, en uitnodigt om meer van Ierland te ontdekken. Of je nu gaat voor een stedentrip of een rondreis, er is altijd een nieuwe hoek, een nieuw verhaal en een nieuwe “pint” die wacht.
Ook op vakantie naar Ierland?
Wil jij ook naar Ierland? Ik deel niet alleen graag mijn tips en reiservaringen, maar ik kan je als zelfstandig reisagent (aangesloten bij ReisCreaties) ook helpen bij het samenstellen van jouw ideale rondreis. Neem gerust vrijblijvend contact met me op, of lees een van mijn andere blogartikelen op deze website.



